In gesprek met Hans Vannuffelen, Wouter Hilderson en Bert Vanderwegen

  • 14 december 2021

De langverwachte opleidingsmodules voor eerstelijnsrenovatieadviseurs (ELA) staan op ons online leerplatform Learnworlds. Die modules en de renovatieadviestoolbox (RAT) die als inspiratie hiervoor diende, kwamen tot stand door een vruchtbare samenwerking met Kamp C, Pixii en Dialoog. BE REEL! sprak met drie experten die aan de opleiding meewerkten. Eentje van elke partner.

HansHans Vannuffelen werkt al 5 jaar als projectverantwoordelijke voor Kamp C. Van opleiding is hij assistent-psycholoog. Hij begon zijn loopbaan bij de gemeentelijke jeugddienst en belandde uit pure interesse in duurzaam bouwen bij Kamp C. Daar beheert hij verschillende projecten rond renovatie zoals Energy Measures en Sure 2050.

 

Wouter Hilderson werkt voor Pixii, het vroegere Passiefhuis-Platform, als technisch adviseur. Hij doet dit vooral in de vorm van opleidingen gerelateerd aan zijn specialiteit: de renovatie van de gebouwschil. Zijn achtergrond als ingenieur-architect komt hier erg goed van pas. Recent is hij vooral bezig met de oproep van ESF (Europees Sociaal Fonds) om online opleidingen uit te werken voor toekomstige renovatiemasterplanners. Verder probeert hij ook betrokken te blijven bij tal van onderzoeksprojecten.

 

 

BertBert Vanderwegen is inhoudelijk medewerker bij Dialoog. Hij is burgerlijk ingenieur-architect van opleiding. Na zijn stage in een architectenbureau kwam hij uit interesse in de duurzaambouwensector terecht. Hij heeft eerst gewerkt als technisch adviseur voor een invoerder van isolatieproducten en luchtdichtingsmaterialen en Passiefhuis-Platform. Bij Dialoog geeft hij duurzaam bouwadvies aan particulieren over renovatie. Hij gaat bij mensen langs en bekijkt wat er kan gedaan worden. Dat doet hij ook voor overheden en gemeenten. Daarnaast geeft hij ook opleidingen, onder andere in zijn expertise de gebouwschil.

DE PARTNERS

Wat doet KAMP C/PIXII/DIALOOG precies?

Hans: “Kamp C is het steunpunt duurzaam bouwen voor de provincie Antwerpen. Van de 5 steunpunten zijn wij als autonoom provinciaal bedrijf uniek. De meeste middelen en expertise hebben wij zelf al in huis. Er werken zo’n 25-tal mensen bij ons, waarvan een 10-tal projectverantwoordelijken, 4 adviseurs, mensen die zich bezighouden met educatie en het verhuur en beheer van ons Conferentie- en bedrijvencentrum en exporuimte. Die ruimtes gebruiken we onder andere voor innovatieve ideeën zoals de 3D-printer fysiek te maken. Samen met de participerende bedrijven zien we dan naar de toekomstmogelijkheden. Dat gaat verder dan bijvoorbeeld universiteiten die iets uitprinten en zien wat er technisch mogelijk is. Er is bij ons een meer rechtstreekse brug naar de bouwheer. Een ander project waar we nu intens mee bezig zijn is een gestandaardiseerde manier zoeken om een kantoorgebouw circulair te maken. Daarvoor hebben we het traject met masterclasses opgestart, waar elke geïnteresseerde zich kon aansluiten. Vervolgens lanceerden we een oproep om een consortium op te starten en zijn we nu volop aan de slag op het terrein. Ook met de bedoeling om groepen ter plaatse te inspireren met wat er allemaal kan. In coronaveiligere tijden uiteraard.”

Wouter: “Pixii is een vzw die is gestart als Passiefhuis-Platform om samen met heel wat voorloper-bouwprofessionelen het passief concept in de Vlaamse bouwmarkt te introduceren. De thema’s zijn nu breder, vandaar dat we ook onze naam hebben veranderd naar de uitvinder van de dynamo Hippolyte Pixii. Dat is energiegerelateerd en klinkt dynamisch. Die dynamiek vertaalt zich onder andere in onze projecten bij Flux50 waar we mee oprichter van zijn en ook een ondersteunend project bij de VVSG (Vereniging voor Vlaamse Steden en Gemeenten). Er werken negen mensen bij Pixii. We werken rond 5 pijlers: de grootste is ongetwijfeld het luik opleidingen, zowel halve als volledige dagen. We organiseren daarnaast ook Expert Days. Dat zijn thematische studiedagen. Een tweede pijler is advies en kwaliteitsbewaking. Daarbij gaat het om certificatie en planadvies voor niet-residentiële gebouwen waarvoor we een hele trajectbegeleiding uitwerken. We geven ook advies als BENovatiecoach voor de stad Antwerpen. Een derde pijler is onderzoek met projecten zoals Renofase. Tot slot doen we ook aan leden- en beleidswerking.”

De opleiding is thematisch opgedeeld in 16 behapbare modules.

Bert: “Dialoog is een vzw die gaandeweg is geëvolueerd van een organisatie die aan de KU Leuven vormingsactiviteiten voor studenten coördineerde naar een erkende milieuorganisatie die duurzaam bouwadvies geeft, zowel aan huis als via infosessies. We hebben een maandelijks magazine genaamd De Koevoet met artikels uit het brede veld van duurzaam leven en bouwen. Wij zijn een volledig onafhankelijke vzw. Dialoog is met 9 medewerkers. Ons team bestaat uit inhoudelijke medewerkers een tweetal personen die aan ons magazine werken een coördinatrice en iemand voor de administratie. Vrij horizontaal dus.

PIXII/DIALOOG/ KAMP C hebben in opdracht van BE REEL! meegewerkt aan de renovatieadviestoolbox (RAT) en de basisopleiding voor eerstelijnsrenovatieadviseurs (ELA). Kunt u in uw eigen woorden uitleggen wat deze inhouden en waarvoor ze dienen?

Hans: “De RAT is een soort wegwijzer waar de ELA terechtkan en gemakkelijk z’n weg kan vinden in het renovatielandschap in Vlaanderen om zo correct advies te kunnen geven en burgers naar de juiste instanties te kunnen doorverwijzen. De basisopleiding is opgedeeld in verschillende thematische modules waar ELA hun mosterd kunnen halen om hun kennis rond bepaalde onderwerpen aan te scherpen en zo kwalitatiever advies kunnen geven.”

Wouter: “Concreet bestaat de RAT uit vijf grote delen die de ELA kan gebruiken voor en tijdens zijn adviesmoment. Ten eerste is er het luik “doen”, waar dingen instaan die je kan gebruiken tijdens het advies zelf. Bijvoorbeeld premies. Het tweede luik bevat alle achtergrondinformatie, om als ELA een thema verder uit te diepen. Het derde luik bevat de links met informatie voor de bouwheer. Ten slotte hebben we het laatste luik doorverwijzen waarin de ELA kan snuisteren om de klant naar de juiste persoon of instantie door te verwijzen voor verdere hulp.” 

De eerstelijnsadviseurs zijn zeer divers.

Bert: “De ELA zit bijvoorbeeld aan een loket in een stad of gemeente en zal concrete vragen krijgen over renoveren. Hij moet proberen de burgers te sensibiliseren en te motiveren om goed te renoveren. Hij zal de precieze vraag van de klant moeten kunnen afleiden en lospeuteren. Soms zijn klanten er bijvoorbeeld zo op gebrand om zonnepanelen te installeren, terwijl ze in hun specifieke situatie beter af zijn met een warmtepomp. Daarvoor heb je een bepaalde bagage nodig. Dat is waar die basisopleiding voor dient. We hebben ze thematisch opgedeeld in 15 behapbare modules zodat de ELA door het bos de bomen nog kan zien en op zijn eigen tempo kan leren wat hij nodig heeft.”

Kamp C heeft het voorbereidende onderzoek gedaan en een inventaris/behoefteanalyse opgemaakt. Hoe gingen jullie hierbij te werk?

Hans: “We hebben diepte-interviews afgenomen bij de renovatieadviseurs en energiehuiswerkingen. Welke kennis is er? Hoe zien zij de invulling van de ELA? Waar hebben ze nood aan? Allemaal zaken die we in kaart hebben gebracht en deelden met de partners. Zij namen trouwens ook interviews af, maar dan vooral met de eindgebruikers. Tijdens gezamenlijk overleg gaven we elkaar voortdurend feedback. Van de basisopleiding heb ik zelf de module rond de premies mee uitgewerkt.

Iets wat ons opviel is dat de ELA zeer divers zijn. Je hebt er met een degelijke technische achtergrond en je hebt loketmedewerkers  die vaak een grotere sociale bagage hebben. Je zit dus met grote differentiatie. Daarom hebben we de opleiding in modules uitgewerkt, zodat de toekomstige ELA kan shoppen, als het ware en de modules er uitkiest waar hij of zij nog iets van kan bijleren.” 

Pixii heeft de eigenlijke RAT opgesteld op basis van de inventaris. Hoe gingen jullie precies te werk en waarom net die werkwijze?

Wouter: “We hebben er een interactieve PowerPoint van gemaakt waarin je makkelijk kunt navigeren tussen de menu’s. Die kan makkelijk omgezet worden naar pdf-formaat of in een website geïntegreerd worden. 

Dus hoe zijn we precies te werk gegaan? We hebben eerst alle informatie verzameld uit verschillende bronnen zoals interviews met adviseurs uit ons netwerk en het voorbereidende werk van Kamp C. Aangezien de RAT en de opleiding zo sterk met elkaar verweven zijn, verdeelden we het werk onder het consortium. Pixii nam vooral de ontwikkeling van de RAT op zich en werkte enkele modules voor de opleiding uit.”

Dialoog heeft grotendeels het curriculum voor de opleiding van renovatieadviseurs en het gros van de uiteindelijke opleidingsmodules opgesteld. Hoe zijn die tot stand gekomen?

Bert: “We hebben het curriculum verdeeld volgens expertise. Ikzelf werkte het grootste deel van de modules uit, omdat Pixii al veel werk had met de RAT. Concreet gaat het dan om de modules beperken van de energievraag, installaties, EPB, capaciteitsopbouw en renovatiebeleid.”

Wat zijn de geleerde lessen uit het gehele proces? 

Hans: “Dat het moeilijk evenwicht vinden is tussen technische achtergrond geven en algemeen laagdrempelig te houden.”

Wouter: “In mijn ervaring was dit project een erg goede samenwerking met een duidelijke doelgroep en doelstellingen.”

Bert: “Je hebt al snel de neiging om er te veel inhoud in te steken. Dat was ook een specifieke vraag van VEKA. Maak het niet te uitgebreid. Wat perfect begrijpbaar is. De doelgroep is de ELA. Die hoeft niet haarfijn te kunnen uitleggen hoe iets technisch in elkaar zit. Nee, hij moet je kunnen doorverwijzen naar iemand die je kan verderhelpen. Daarvoor dienen die RAT en opleidingen net.”
 

OPINIEVRAGEN

Stel: u mag als beleidsmaker 1 beleidsmaatregel wijzigen/opstellen om uw doelstellingen te helpen bereiken. Welke kiest u en waarom kiest u die? (U mag zelf het beleidsniveau kiezen)

Hans: “Als we het hebben over renoveren en energieneutraal zijn, zou ik niet met tussenmaatregelen werken. Kijk, het einddoel is energieneutraliteit en de laatste jaren verdelen we de weg ernaar op in fases. Eerst was het EPC E100, dan E80 enzovoort. Dat is jammer, want zo bouw je intrinsiek een rem op je einddoel die er eigenlijk niet hoeft te zijn. De gemiddelde Belg zit namelijk zo ineen dat hij het verplichte en slechts het verplichte doet. Als de wet zegt, je dakisolatie moet 12 cm dik zijn, zal hij meestal niet veel verder gaan. Als je in een keer de volledige investering doet bespaar je tijd en ben je efficiënter. Al besef ik dat dit beleidsmatig wat complexer ligt. Maar toch ligt de focus nu te veel op die tussendoelen, volgens mij. 

Wouter: “Ik zou meer inzetten op communicatie rond grondige renovatie op sleutelmomenten. Het beleid is er steeds meer van doordrongen. Toch ligt de focus volgens mij nog te veel op eenvoudige individuele maatregelen. De algemene doelstelling wordt wat ontweken. Toen de norm nog E100 was, was nog geen sprake van verstrengingen of termijnen. Mensen die energiezuinig wilden leven, bouwden hun woning met een waarde van E80 . Amper enkele jaren later bleek datal voorbijgestreefd. Maar toen de overheid het volledige pad tot E30 en BEN communiceerde, ontstond een dynamiek en gebeurde deze transitie zonder veel problemen. Al is het einddoel voor renovatie wel al gekend (A-label), voor veel mensen is dit doel nog te vrijblijvend en abstract.”

Ik zou meer inzetten op renovatie op sleutelmomenten.

Bert: “Ik besef dat je als beleidsmaker compromissen moet sluiten, want als je te ver gaat, verlies je een deel van je publiek. Toch vind ik de regelgeving niet ver genoeg gaan, waardoor het compromis wat verwatert. Ik mis maatregelen die blijk geven van ambitie en langetermijndenken.”

Over welke hypothese/ thema rond energetisch renoveren zou u wel eens een studie of concrete actie zien willen verschijnen en waarom? 

Hans: “Ik zoek het dan eerder in de psychologische sfeer. Een beetje zoals Jill Peeters gedaan heeft in haar reeks: wat houdt ons tegen? Maar dan voor renovatie. Wat zijn de motivaties om wel of niet te renoveren. Je hebt mensen die per se hun badkamer willen aanpakken, maar als je gebouwschil nog niet fatsoenlijk geïsoleerd is, heeft dat weinig zin. Hoe je mensen daarvan kunt overtuigen, vind ik een interessant thema voor verder onderzoek. Mensen beseffen dat er een klimaatprobleem is, maar hebben nog te vaak de reflex om te denken: ik moet dat toch niet alleen doen? We moeten dat dus nudgen, onderzoeken hoe we mensen hun verantwoordelijkheidsgevoel kunnen versterken. Ook bedrijven en aannemers zouden mensen kunnen duidelijk maken, dat als hun dak niet geïsoleerd is, er geen zonnepanelen kunnen gelegd worden.

Wouter: “Een van de accenten waar Pixii veel mee bezig is, is circulariteit. De hele renovatiegolf zal onherroepelijk veel afval creëren. De activiteit in de bouwsector zal verdubbelen. Daarom zou ik ervoor zorgen dat alles wat er nieuw bijkomt efficiënt wordt ingezet en dat we met het gebruik van nieuwe materialen over 30 jaar geen nieuwe problemen creëren. Hoe we dit concreet in de praktijk moeten aanpakken bij renovatie, is allesbehalve eenvoudig, dus daar mag gerust wat onderzoek naar verricht worden.”

Bert: ““ Er zijn meer concrete acties nodig die impact hebben op lange termijn. Wat is er nodig om af te stappen van korte naar lange termijn denken? Daar mag gerust eens onderzoek naar gedaan worden. Technisch gezien kan er al heel veel vandaag de dag. Maar waarom doen we het niet of niet genoeg?”

Dank u voor dit gesprek!